Verlichting is met afstand de meest voorkomende storing op een aanhanger. Het is ook de storing die je bij een controle langs de weg direct een boete oplevert, en terecht, want een aanhanger zonder remlicht is levensgevaarlijk in het donker. Het goede nieuws is dat de oorzaak in negen van de tien gevallen niet de lamp is maar de verbinding. Wie de verlichting controleren systematisch aanpakt, vindt de storing daarom meestal binnen een kwartier. In dit artikel lees je hoe je dat doet, wat het verschil is tussen zeven- en dertienpolig en welke oorzaken wij in de werkplaats het vaakst tegenkomen bij het verlichting controleren van klantwagens.
De zevenpolige stekker is de oude standaard. Die voert de richtingaanwijzers, het remlicht, het achterlicht, het mistachterlicht en de massa. Voor een gewone aanhanger of bagagewagen is dat voldoende, en bij verlichting controleren heb je er dus vijf functies te testen. De dertienpolige stekker is de huidige standaard en heeft daarnaast een achteruitrijlicht, een permanente plus en een geschakelde plus met een eigen massa. Die extra aders heb je nodig zodra er stroom in de wagen zelf moet, bijvoorbeeld bij een koelwagen, binnenverlichting of een caravan. Bij het verlichting controleren is het handig om te weten welke van de twee je hebt, want dat bepaalt welke functies je überhaupt kunt verwachten.
Heb je een dertienpolige stekker op de aanhanger en een zevenpolige contactdoos op de auto, of andersom, dan is een verloopstekker de oplossing. Houd er wel rekening mee dat je met een verloop naar zevenpolig altijd functies verliest, meestal het achteruitrijlicht en de laadstroom. Dat is geen defect maar een beperking van de aansluiting. Kom je bij het verlichting controleren tot de conclusie dat één functie het nooit heeft gedaan, kijk dan eerst of er een verloop tussen zit. Een verloopstekker is bovendien een extra verbinding, en elke extra verbinding is een plek waar vocht en corrosie kunnen toeslaan. Neem hem daarom mee in je ronde als je de verlichting controleren gaat.
Corrosie in de stekker staat met stip op één, herkenbaar aan groene aanslag op de contacten. Op twee staat een slechte massa, waarbij stroom een omweg zoekt. Op drie een gebroken ader in de bundel, meestal bij de doorvoer waar de kabel de dissel in gaat. Op vier een kapotte contactdoos op de auto zelf. Op vijf waterlekkage in de lichtbak, waarna de unit meestal niet meer te redden is. Wie de verlichting controleren wil met kans op snel resultaat, begint bij de eerste twee. Samen verklaren die het merendeel van alle storingen die hier binnenkomen. Wie de verlichting controleren begint bij de stekker, is meestal snel klaar.
Er is één symptoom dat je meteen herkent als je het één keer hebt gezien: je zet de richtingaanwijzer aan en het achterlicht knippert mee, of de verlichting gaat zwakker branden. Dat is bijna altijd een massaprobleem en niet een kapotte lamp. Als de massa-ader geen goed contact maakt, zoekt de stroom een weg terug via een andere lamp. Mensen vervangen dan lampjes die niets mankeren. Bij het verlichting controleren is dit dus het moment om naar het massapunt te kijken: het contact in de stekker, de bevestiging aan het chassis en de kwaliteit van de kabelschoen. Een slechte massa laat zich bij verlichting controleren altijd zien in het patroon van de uitval.
Zet iemand achter de aanhanger of gebruik een spiegel of raam om zelf mee te kijken. Loop de functies één voor één langs: stadslicht, remlicht, links, rechts, mistachterlicht en achteruit. Noteer wat er niet werkt, want het patroon vertelt je waar je moet zoeken. Valt alles uit, dan zit het in de massa of in de stekker. Valt één functie uit aan beide zijden, dan zit het in die specifieke ader. Valt één functie aan één kant uit, dan is het de lamp of de bedrading daarnaartoe. Deze manier van verlichting controleren bespaart je uren blind zoeken. Schrijf de uitkomst op voordat je gereedschap pakt, dan zoek je gericht.
Voordat je gaat sleutelen is het handig om te weten aan welke kant de storing zit. Sluit een andere aanhanger aan op dezelfde auto, of sluit jouw aanhanger aan op een andere auto. Werkt alles dan wel, dan weet je genoeg. Een testkastje voor de contactdoos is een kleine investering die zich terugverdient als je meerdere wagens hebt. Bij moderne auto's speelt nog iets mee: de contactdoos wordt aangestuurd door een module die kan uitvallen of die niet is geactiveerd na montage van de trekhaak. Het verlichting controleren kan dan alsnog eindigen bij de autodealer, ook al mankeert je aanhanger niets.
Vervang je een defecte lichtbak, overweeg dan meteen led. Ledunits zijn beter bestand tegen trillingen, en trillingen zijn op een aanhanger de belangrijkste doodsoorzaak van gloeilampen. Ze verbruiken minder stroom en gaan in de praktijk jaren langer mee. Let er wel op dat sommige auto's het lagere stroomverbruik lezen als een defecte lamp en dan een melding geven. Een lastweerstand of een aangepaste module lost dat op. Wie na de ombouw opnieuw de verlichting controleren doet, ziet meteen of de auto de nieuwe units accepteert. Vraag ernaar als je twijfelt, dan kiezen wij de juiste uitvoering en testen wij hem direct op je auto.
De beste storing is de storing die je niet krijgt. Laat de stekker niet los aan de dissel bungelen, want dan vult hij zich met vocht en zout. Gebruik de houder of hang hem in de contactdoos van de aanhanger zelf. Dat scheelt je het meeste werk bij verlichting controleren. Spuit de contacten één keer per jaar schoon met contactspray en bescherm ze daarna met een dun laagje vet. Controleer de kabelbundel op scheuren bij de doorvoer. Wie dat doet, hoeft het verlichting controleren zelden meer te doen omdat er iets stuk is, maar vooral als routine voor het seizoen begint.
Lichtbakken, kabelbundels, stekkers, verloopstukken en losse contactdozen liggen bij ons in de kast als onderdelen. Kom je er zelf niet uit, dan zoeken wij de storing voor je op in onze werkplaats. Meestal is het binnen een halfuur gevonden en verholpen, en dan rijd je dezelfde dag weer weg. Het verlichting controleren doen wij standaard mee bij elke onderhoudsbeurt. Neem bij twijfel de auto mee waar je normaal mee rijdt, want bij verlichting controleren willen wij beide kanten kunnen testen. Zo weet je zeker dat het probleem echt is opgelost en niet alleen tijdelijk weg is. Loop gerust binnen, ook als het maar één lampje betreft.
Deze tekst is bijgewerkt in september 2026. Regelgeving kan wijzigen, controleer bij twijfel de actuele eisen op rdw.nl.